Van de zomer verbleef ik een paar dagen in een dijkhuisje aan de Waal. Op de dijk stonden nog drie andere huizen en het huis tegenover het mijne werd bewoond door een kunstenares. Sinds haar afstuderen van de kunstacademie, zo’n 35 jaar geleden, heeft ze altijd kunnen leven van haar werk.

Tukkend op bed

Bovenmatig geïnteresseerd in het creatieve proces, vroeg ik haar naar haar werkwijze. Ik had haar nu een aantal dagen meegemaakt en zag de kunstenares niet veel werken; althans ik zag haar voornamelijk in de tuin wroeten, een beetje koken, piano spelen, boekjes lezen en naar de Waal staren. Toen ze in haar atelier bezig was en ik haar wat wilde vragen, trof ik haar tukkend op haar bankbed.

“Je vervelen. Dat is de sleutel tot creativiteit,” zei ze. “Ik luier dagelijks enkele uren. Daarna ga ik naar mijn atelier en de ideeën komen altijd. Ik vertrouw op mijn creativiteit en heb in al die jaren nog nooit een schilders-block gehad.”

Een piepende wasmachine

Geïnspireerd door haar woorden, ging ik aan het werk. Ik wilde al lang aan een boek beginnen, maar vluchtte liever, met een druk huishouden en na een dag gewerkt te hebben, in Netflixseries. Ik begon steeds vaker de avond vrij te houden om een beetje voor me uit te staren, maar merkte dat ik toch steeds weer afgeleid werd. Door een piepende wasmachine, een binnenkomend appje, de inval van “shit ik moet echt die rekening nu betalen anders moet ik extra kosten betalen, het gepingel van tram, een kind dat een nachtmerrie krijgt, etc. Ik kwam niet echt in de flow, zeg maar.

Van gesloten naar een open modus

En een flow, dat is precies wat je nodig hebt, om creatief te kunnen zijn. In 1991 gaf John Cleese een fantastische presentatie over hoe creativiteit ontstaat. Hij zegt daarin dat je alleen creatief kunt zijn als je in een open modus verkeert: een ontspannen gemoedstoestand waarin je met ideeën kunt spelen. Vaak zitten we juist in de gesloten modus, zoals op het werk, wanneer we het gevoel hebben dat er veel gedaan moet worden en er –tak! tak! tak! -afgestreept moet worden. In deze gesloten modus zal je, aldus Cleese, nooit met nieuwe ideeën op de proppen komen.

Creëer een oase

Om in een speelse en open gemoedstoestand te komen heb je twee dingen nodig: afbakening van ruimte en tijd. Je moet een oase creëren, afgesloten van het dagelijkse leven. Doe je kamer op slot, of ga in een park zitten. Zet je telefoon uit, of laat hem thuis, en blokkeer je internetverbinding. Gestoord worden is namelijk killing als je in een creatieve flow wilt komen.

Begrens je tijd

Bepaal vervolgens een begin- en eindtijd. Als je de tijd namelijk niet begrenst, ben je geneigd je sneller te laten afleiden. Eenmaal in je cocon heb je ongeveer een halfuur nodig om in een speelse gemoedstoestand te komen - tot die tijd razen er allerlei triviale gedachtes door je hoofd: je moet vriendin nog bellen, en je moeder eigenlijk ook, o, nee, vergeten dat mailtje te sturen en heb ik nu gezegd dat ik over drie weken een paar dagen vrij neem?, de planten hebben eigenlijk ook water nodig, eigenlijk heb ik best trek, etc. etc. Laat je niet verleiden deze zaken uit te voeren: de mist trekt na ongeveer 30 minuten op. Neem een tijdsblok van ongeveer 1,5 à 2 uur, want dan zal je merken dat je wel toe bent aan een pauze.

Een nieuwe poging

De handvatten van Cleese garanderen niet dat je met een creatief idee komt, maar bieden wel omstandigheden waarin je creatief zou kunnen zijn. Het is het proberen waard. Gewapend met deze kennis zal ik dan ook een nieuwe poging wagen om aan mijn meesterwerk te beginnen ;-)

Wat is jouw belangrijkste eye-opener in deze blog? Laat het ons hieronder weten! Zo kunnen we steeds betere artikelen maken waar je steeds méér aan hebt. Dankjewel!

Groet van David en Arjan

15157013 623862321072142 8404476566227861918 o

Op 26 januari begint het Jaarprogramma 2017

Benieuwd of dat ook wat voor jou is?

Ja, vertel me meer